• phoca_thumb_l_front foto nkr website.jpg

Springen is een van de meest populaire disciplines en samen met dressuur en eventing een van drie Olympische takken van paardensport. Paard en ruiter moeten een springparcours afleggen waar tussen de 10 en 13 hindernissen zijn opgesteld. Het doel is om dit parcours te springen zonder fouten te maken. Als er bijvoorbeeld een deel van de hindernis omver wordt gegooid (zoals een balk) of het paard weigert, dan worden er strafpunten berekend. Het parcours moet bovendien in een vastgestelde maximumtijd worden gesprongen.
Als je op springwedstrijden wil gaan starten, moet je eerst een winstpunt in de klasse B-dressuur halen!

In Nederland worden er springwedstrijden gereden in drie categorie├źn: 


Springwedstrijden categorie 1

Dat zijn nationale wedstrijden en de klassen D (1.30 m), C (1.35 m), B (1.40 m) en A (1.50 m).

 

Springwedstrijden categorie 2

Dat zijn breedtesportwedstrijden in de klassen B t/m ZZ op regionaal- en interregionaal niveau.
 

Springwedstrijden categorie 3
Dat zijn breedtesportwedstrijden in de klassen B t/m ZZ op kring- en interkringniveau  (Bron: website KNHS)

 

Meer weten?

Wil je meer weten over het springen en welke regels en richtlijnen hier gelden? Lees dan eens het Disciplinereglement Springen. Daarnaast zijn er tal van boeken over springen te koop. Klik hier voor een overzicht van alle reglementen van de KNHS die je (gratis) kunt downloaden. In de lijst bevindt zich ook het Wedstrijdreglement Springen.

 

.